Brief aan mezelf

Ik heb je een hoop verontschuldigingen aan te bieden. Want ik heb je keer op keer in de steek gelaten, ik heb je keer op keer geweld aangedaan. Al sinds je bent geboren ben ik van je weggelopen, wilde ik je niet horen, wilde ik dat je iemand anders was dan je was. Ik heb je nooit geaccepteerd voor wie je bent. Ik heb je imperfecties en oneffenheden nooit omarmd. Ik wou je altijd veranderen.

Het spijt me dat ik je als kind dwong om meer te weten dan je leeftijdsgenoten. Om te leren lezen en schrijven nog voor je naar het eerste leerjaar ging. Het spijt me dat je de antwoorden moest weten op de vragen van de juf en de meester. Ik dacht namelijk dat meer kennis ons meer liefde zou opleveren, zie je. Hoe meer je wist, hoe meer mensen er van ons zouden houden. Ze zouden ons goedkeuren, waarderen en slim vinden. Ze zouden ons het gevoel geven dat ik ons niet geven kon: het gevoel dat we er mogen zijn.

Sorry dat je de mooiste tekeningen moest kunnen maken. Dat je even goed moest worden als de grote mensen. Dat je het potlood moest vasthouden zoals zij, en dat je de juiste kleurencombinaties moest vinden. Sorry dat ik je heb gezegd dat Winnie de Poeh niet paars en groen is, maar geel.

Soms haatte ik je, omdat je zo’n vreemd kind was. Zo anders als de rest, en je deed ook niet echt moeite om dat te veranderen. Stiekem nam ik het je kwalijk dat je je haar altijd kort knipte, en dat je hoge kniekousen in de kleuren van de regenboog droeg. Ik begreep niet wat je zo moeilijk vond aan spelen met de andere kinderen. Waarom zat je te tekenen wanneer de rest aan het touwtjespringen was?

Sorry dat ik je liet denken dat eenzaamheid verkeerd is. Dat het iets is wat opgelost moet worden. Sorry dat ik je nooit de toestemming heb gegeven om je alleen en onbegrepen te voelen. Sorry dat ik je zoveel verdriet heb gedaan. De klasgenoten die je nawezen en uitsloten, deden dat alleen omdat ik dat deed. Omdat ze nu eenmaal een spiegel waren. Ik had moeten weten dat jouw schoonheid in je apartheid schuilt. Ik en niet zij had je graag moeten zien.

Sorry dat ik je heb doen geloven dat je niet compleet was. Dat je iemand nodig had om je gelukkig te maken. Sorry dat ik je liet geloven dat jij niet goed genoeg was. Dat je gered moest worden, dat er een droomprins bestond op een wit paard die je iets zou geven wat je nog niet had. Sorry dat ik niet eerder heb gezegd dat dat een leugen is. Er is maar één ware liefde, en dat ben jij.

De waarheid is dat je al compleet bent. Jij bent degene die je begrijpt, waarmee je elke dag wakker wordt, degene die je nooit zal verlaten, en die nu ook onvoorwaardelijk van je zal proberen houden. Van al je gekkigheid en je kronkels. Van alle gedachten en gevoelens, van alle wolken in de lucht. Van wat je doet, wat je niet doet, van hoe je eruit ziet in je zondagse kleren en wanneer je net wakker bent. Er is helemaal niks mis met jou. En het is oké dat je soms de antwoorden niet weet.

Het spijt me dat ik je lelijk heb genoemd. Dik, walgelijk en waardeloos. Sorry dat ik vond dat je bovenbenen te dik waren. Dat je te zware armen had, lelijke borsten en een teveel vet aan je buik. Sorry dat ik commentaar had op je voeten, dat ik je handen niet vrouwelijk genoeg vond. Sorry dat ik je haar droog en ongezond noemde, dat ik wou dat het platter was als het wild was, en wilder wanneer plat. Sorry dat ik wou dat je vollere wimpers had. Sorry dat ik je heupen te breed vond, dat ik je navel er vreemd vond uitzien en dat ik zei dat je oren te groot waren. Sorry dat ik niet tevreden was met je neus, met je tanden en je met je zware wenkbrauwen. Sorry dat ik je wangen soms te bol vond en je onderkin te aanwezig. Sorry dat ik klaagde over te veel vet en te weinig spieren, over pukkeltjes, en over al de rest waar ik over heb geklaagd. Nu zie ik hoe ziek dat was. Hoe arrogant. Ik zag niet hoe mooi imperfect zijn is.

Hoe mooi jij bent.

Het spijt me dan ook dat ik zo vaak zei dat je geen chocolade of taart mocht eten. En sorry dat ik je een schuldgevoel gaf als je toch chocolade at. Sorry dat dat uiteindelijk escaleerde in een verbod op koolhydraten en suiker, ook al vind je pasta en snoepjes zo lekker. Ik was alleen maar bang dat er niet meer van je gehouden zou worden als je te vol werd. Maar daar zat ik fout: wanneer je vol bent van jezelf, hoeft niemand anders je nog graag te zien.

Het spijt me dat ik je zoveel heb verweten. Dat ik je een emotioneel wicht noemde, een overdrijver en een gecompliceerd wezen. Dat ik het geen wonder vond dat mensen je in de steek lieten en je kwetsten.

Het spijt me dat ik eerst voor andere mensen zorgde, en dan pas voor jou. En het spijt me dat ik soms helemaal niet naar je omkeek. Dat ik het niet nodig vond dat je het warm had, dat je lekker sliep, dat je genas als je ziek was en dat je genoeg eten en drinken had.

Sorry voor al die uitbranders over je gedrag en woorden die je beter voor jezelf had kunnen houden. Vroeger zou ik je een uitbrander hebben gegeven voor het posten van deze brief, maar die tijd is voorbij. Dat beloof ik.

Het spijt me dat ik je keer op keer in de steek liet. Dat ik je in de kou liet staan en je kwetste. Het spijt me dat ik niet van je hield, je zelfs soms vreselijk haatte.

Het spijt me dat ik de thuis niet kon zijn die je zocht. En het spijt me dat je dan maar op zoek ging naar liefde in de buitenwereld. Sorry voor alles. Je bent wél genoeg. Kan je het me vergeven? Dan vergeef ik het ook mezelf.

Een gedachte over “Brief aan mezelf

  1. Roxanne,

    Ik heb alles nog eens graag gelezen. Thanks…

    Het grote niet weten – de leegte waarvan wij deel zijn.

    Het Mysterie, Mysterie laten.

    Groetjes,

    Tante Monique.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s