Roshani

Mero nham Roshani ho. Tapaiko nahm ke ho? Mijn allereerste zinnetjes Nepali. Gisteren, na een ontbijt van waterige havermout en een glas multivitaminen sap, was het tijd voor taal. Prema, de 29 jarige vrouw die me van het vliegtuig is komen ophalen en de coördinator van de cultuurweek, geeft ons onderricht. Ze begint met ons enkele basiswoorden en zinnen aan te leren, en laat ons die dan herhalen. Mero nham … Tapaiko nahm…Wahako nahm… gaat het over en weer. Wanneer Prema klaar is met de basisvragen, wilt ze ons leren tellen van 1 tot 10. Dat is samen best veel om te onthouden, maar ze staat erop ons de emoties te leren, en de verschillende smaken, en hoe je moet onderhandelen, en hoe je ik hou van je moet zeggen. Remroo! zegt ze iedere keer wanneer we de juiste zinnen herhalen, goed gedaan!

Om twee uur vertrekken we met vijftien naar Thamel voor een ‘oriënterende rondleiding’. De busrit was al een ervaring op zich. In het kwartier dat we op de bus hebben gewacht, hadden er vijf potentiële auto ongelukken kunnen plaatsvinden, was ik bijna omvergereden en was er zoveel getoeterd dat ik de tel kwijt raakte. Je zou gaan denken dat het verkeer hier doodsoorzaak nummer één is, maar de bevolking kent het wegensysteem blijkbaar goed. Er komt plots een oud, klein busje aangereden. De man die uitstapt, begint aan één stuk door te ratelen. Aangezien de bussen hier geen bestemmingsborden op de voorkant hebben, moet de locatie wel verbaal worden overgebracht. ‘This is local bus,’ grijnst onze gids. Ik moet grondig bukken om erin te geraken, en ook in de bus zelf is het plafond erg laag. Het lijkt hier wel een traditie te zijn, dat gezellig op elkaar gepakt zitten.

Thamel is het toeristische gedeelte van Kathmandu, waar overdag druk en chaotisch is. Het is vooral interessant voor cultuur- en rugzaktoeristen. In de winkelstraten word je haast omver gelopen en – gereden, maar de winkeltjes zijn gezellig. Er is een overvloed aan traditionele kleding, mala’s, kruiden en bewoners die hun spullen aan je proberen te verkopen. De geuren hier zijn op zijn minst bijzonder te noemen: van de doordringende geur van uitlaatgassen tot de aangename geur van wierrook.

De volgende dag, vanmorgen dus, moet ik vroeg uit de veren. We gaan een vier uur lange wandeltocht maken in de natuur. Bijna meteen vinden Vera en ik elkaar. Vera is een Nederlandse vrijwilliger met een zachte uitstraling. Al vanaf het begin wist ik dat ze anders was dan de anderen, en vandaag zou ik uitvinden waarom. We geraken aan de praat, en al snel komen we erachter dat we op elkaar lijken. Niet alleen in manier van zijn, denken en doen, maar ook ons verleden vertoont veel gelijkenissen. Ik voel me sterk verbonden met haar. Op een bepaald moment vertel ik haar over mijn gevoelige aard, en ze zegt meteen dat ze al wist dat ik erg gevoelig ben. ‘Het zit in je blik,’ verklaart ze. Zij voelt zelf ook alles aan, kan mensen lezen als een boek. Samen wandelen we door wat in mijn ogen het authentieke Nepal is. Het landschap is prachtig en het weer heerlijk. De hele wandeling lang klinkt het geluid van krekels op de achtergrond. Wat geniet ik ervan om even weg van de drukte te zijn. Om tussen het groen te vertoeven, om boeren met manden op hun rug rond te zien struinen, en om de met bomen begroeide bergen in me op te nemen, de reusachtige spinnenwebben te zien, en planten te ontdekken die ik nog niet kende.

Na ongeveer een uur nemen we pauze. Een stel straathonden loopt vanaf daar met ons mee. ‘Are you ready to go up?’ vraagt Prema, die zich ook net bij ons heeft aangesloten, en nog voor die woorden haar lippen hebben verlaten, beginnen we aan een steile helling. Na veel gepuf is daar eindelijk de top. Prema en Luuc, onze andere gids, komen rustig aangeslenterd. Het valt hard op dat de Nepalese mentaliteit – afgezien van het verkeer – op veel vlakken relaxter dan die van ons. Na een tweede klim kan ik het niet laten om de straathonden die nog steeds meelopen, aan te halen. Dat levert me een paar vieze blikken op van de andere vrijwilligers, maar ze zijn te lief om te negeren. Plots hoor ik gekraak verderop. Ik draai me om en zie de twee Finse, zwartharige vrijwilligers hoog in een boom zitten. Hoe ze daar in hemelsnaam zijn geraakt, is me een raadsel. De onderkant van de boom heeft immers geen takken…

Na de afdaling wandelen we rechtstreeks door naar de tempel van de slapende Vishnu, één van de drie belangrijkste goden uit het Hindoeïsme. Prema legt uit dat er op dit moment voorbereidingen worden getroffen voor het festival ter ere van de god. In de tempel heerst er een bedrijvige drukte. Op het ritme van de traditionele muziek dansen de ‘locals’ rond. Ze zijn stuk voor stuk gekleed in kleurrijke gewaden, en de meerderheid draagt een tika – een rode stip – op het voorhoofd. Mijn oog valt op een groot, liggend standbeeld van een slapende godheid. De Vishnu is getooid met talloze oranje bloemenkransen en is omringd door water. Het is indrukwekkend om te zien. Ik ga naast een andere vrijwilliger zitten om het hele gebeuren rond te tempel te observeren. Plots wordt ik op de schouder getikt door een oudere, Nepalese man met oranje haar. Hij brabbelt wat en komt dan naast me zitten. Hij vraagt zijn vriend om een foto te nemen. Wij zijn voor hen blijkbaar net zo’n attractie als zij voor ons. Ik probeer hem uit te leggen hoe ik heet, en haal dan ook mijn camera boven om te kijken hoe hij reageert. ‘Selfie?’ vraag ik lachend, half verwachtend dat hij dat aanbod maar al te graag afslaat. Hij begint hevig te knikken. Ik maak een foto, voor ik weer een tik op mijn schouder voel. Inmiddels hebben er meerdere mensen zich bij ons aangesloten, die ook mee op de foto willen. Ze zijn zelfs zo enthousiast dat ik, iedere keer wanneer ik probeer op te staan, terug op mijn plaats wordt getrokken.

Vanavond staat er niets op de planning, maar daar denken sommige vrijwilligers anders over. Vera en ik worden uitgenodigd om een avondje mee naar Thamel te gaan, wat een erg goed idee bleek te zijn. Het is er veel kalmer nu, dus hebben we zelfs de kans om na het diner een paar leuke souvenirs te scoren. Mijn onderhandelvaardigen worden zwaar op de proef gesteld, maar al bij al breng ik het er best goed van af. In een gezellig, afgelegen barretje sluiten we de avond af met een gemberthee met honing, een groepsfoto en een paar literflessen lokaal bier.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s